Behoefte aan transitie naar toekomst van ‘klinkend erfgoed’
De Stichting Organum Frisicum heeft een nieuw bestuurslid. Celliste en theatermaakster Judith Oost is sinds november 2023 betrokken bij de Stichting. In de orgelkrant van 2023 figureerde
ze al als Bach-vertolkster met organist Simon Bouma. Nu meer over haar plannen als bestuurslid.
Judith Oost volgde een theateropleiding aan de Kleine Academie Brussel en deed een aanvullende opleiding bij het Russische danstheatergezelschap Derevo. Ook studeerde zij gedurende een jaar
cello aan het Conservatorium Maastricht bij Alexander Petrasi. In 1988 was zij medeoprichter van Theater Compagnie Barrevoet. Daar is zij nog steeds aan verbonden als artistiek leider, theatermaker
en docent. Barrevoet is gespecialiseerd in locatie- en muziektheater.
Enkele jaren geleden pakte Oost haar cellostudie weer op bij Ran Varon, hoofdvakdocent Conservatorium Utrecht. Ook deed ze masterclasses. De muziektheoretische vakken rondde zij af aan de Schumann
Akademie. Na een jarenlang verblijf op Terschelling keerde Oost enkele jaren geleden terug naar Kimswerd aan de vaste wal.
Wat heb jij met het orgel?
"Ik ben organistendochter, dus ik ben opgegroeid op de orgelbalustrade. Mijn vader, Gert Oost, heeft me laten ervaren hoe veelzijdig het instrument is, door als organist mee te werken aan mijn
theaterproducties. In 2007/2008 realiseerden we met elkaar een tournee langs 28 historische kerken. Het orgel bleek uitermate geschikt als ‘theaterinstrument’ en mijn enthousiasme was voorgoed gewekt!
Wij hadden plannen om de samenwerking theater en orgel samen voort te zetten, maar tot mijn grote verdriet overleed mijn vader in 2009.
Mijn leven speelt zich dus, net als vroeger, weer af op de orgelbalustrade…
In 2018 kwam het orgel terug in beeld, toen mijn theatergezelschap ‘Compagnie Barrevoet’ op Terschelling een Ûnder de Toer-project realiseerde. In diezelfde periode ontmoette ik organist Simon
Bouma, met wie ik de combinatie cello en orgel ben gaan verkennen. Dit bleek een gouden greep. We vormen inmiddels al vijf jaar een vast duo en realiseren, met ontzettend veel plezier, vernieuwende
theaterconcerten in de combinatie cello en orgel.
Theater Compagnie Barrevoet heeft ons de mogelijkheid gegeven om de concerten op professionele basis te kunnen produceren, waardoor ik inmiddels fulltime voor deze producties aan de slag ben. Mijn
leven speelt zich dus, net als vroeger, weer af op de orgelbalustrade…
Simon en ik reizen van kerk naar kerk. Onderweg komen we veel verhalen tegen, want zowel voor de kerken als voor het ‘klinkend erfgoed’ is er, door de veranderde situatie, behoefte aan een transitie
richting toekomst. Ik vind het fantastisch om hierover mee te denken en er mijn steentje aan bij te dragen. Zowel door middel van onze concerten, waarbij we orgels op een verfrissende manier onder de
aandacht brengen en een nieuw publiek bereiken, als door middel van uitwisseling, samenwerking en het opzetten van verbindende, toekomstgerichte projecten om de concerten heen.
Bij onze huidige tournee ‘O CIELO’ zijn ook jongeren en studenten betrokken, die werken vanuit de onderzoeksvraag: “Hoe kunnen we het klinkend erfgoed bij jullie generatie onder de aandacht brengen?”.
Met dit soort projecten hoop ik iets wezenlijks te kunnen doen voor het instrument dat mijn vader met zoveel toewijding en liefde bespeelde."
Wanneer en wat wist jij van het bestaan van Stichting Organium Frisicum?
"Ik vermoed dat er in 2007/2008 al contact is geweest rond de tournee die we met mijn vader realiseerden, maar Organum Frisicum is sterker in beeld gekomen toen Simon Bouma en ik gingen samenwerken.
Eerst kende ik met name de orgelagenda op de website. Sinds ik meer actief ben geworden in mijn missie om mee te werken aan de toekomst van het klinkend erfgoed, ben ik me gaan verdiepen in het beleidsplan.
Daarin vond ik veel raakvlakken met wat wij binnen Barrevoet en met ons duo nastreven."
Wanneer en waarom heeft de stichting jou benaderd voor het bestuur?
"Ik heb de Stichting vorig jaar vanuit Stg. Compagnie Barrevoet benaderd, omdat ik het belangrijk vind dat er uitwisseling en samenwerking is tussen alle partijen en personen die zich met klinkend
erfgoed in Friesland bezighouden. Ik heb destijds een goed en open gesprek gehad met de secretaris, waarin de wens tot samenwerking werd uitgesproken.
In de herfst van 2023 raakte ik intensiever in contact met artistiek adviseurs van Organum Frisicum, omdat wij met elkaar hebben meegedacht over mogelijkheden voor het klinkend erfgoed in de gemeente
Waadhoeke. Daar stond het orgel politiek op de agenda.
Ik maakte een overzicht van de situatie rond het klinkend erfgoed in Friesland naar aanleiding van resultaten van pilotprojecten die Simon en ik in de afgelopen jaren realiseerden. Vervolgens
ontstonden er constructieve visies en plannen. Naar aanleiding van de gesprekken rond de orgels in Friesland, hebben de artistiek adviseurs aan de bestuursleden van Organum Frisicum voorgesteld om
mij in het bestuur van de stichting op te nemen."
Hoe lang heb je erover na moeten denken?
"Niet lang."
Waarom heb je ja gezegd?
"Omdat ik me graag voor het de toekomst van het orgel wil inzetten, in samenwerking met anderen. Organum Frisicum kan hierin een belangrijke functie vervullen, denk ik.
In het beleidsplan van de stichting kan ik me zeker vinden. Daarnaast is het leuk en interessant om verschillende visies te horen, nieuwe kennis op te doen en te kijken wat ik zelf kan bijdragen
vanuit mijn invalshoek als theatermaker/orgel-plus-celliste en productiemedewerker."
De orgelwereld heeft er baat bij om te openen
Wat voor reacties krijg je op deze nieuwe functie voor jou?
"Grappig genoeg heb ik veel enthousiaste reacties gekregen vanuit de orgelwereld. Het feit dat ik, gezien mijn achtergrond, vanuit een andere, nogal onconventionele, invalshoek naar de
materie kijk, vindt men interessant en hoopgevend als het om vernieuwing gaat. Ik zit op geen enkele manier vast aan tradities en dat geeft natuurlijk vrijheid. En tegelijkertijd heb ik een
sterke en liefdevolle band met het orgel."
Welke ideeën heb je over de toekomst van de orgelcultuur en Organum Frisicum?
"Wat ik sterk vind aan Organum Frisicum, is dat het onder andere functioneert als een overkoepelende orgelorgaan binnen de provincie Fryslân. Er is veel kennis en er is verbinding
met andere partijen. Mijn droom is dat Fryslân voorloper wordt als het gaat om concrete oplossingen voor de (landelijke) problematiek rond klinkend erfgoed. Het is een proces dat tijd kost,
omdat het om een transitie gaat, die zowel voor de kerken als voor de orgelcultuur omvangrijk is.
De eerste stappen zijn wat mij betreft als volgt: De orgelwereld heeft er baat bij om te openen. Verbinding te zoeken met andere partijen, andere disciplines en een nieuw publiek.
Er valt nog veel terrein te winnen op het gebied van promotie, professionalisering op organisatorisch gebied en het vinden van middelen om dit voor elkaar te krijgen.
In elke kerk is er een orkest in de orgelkast aanwezig
Kerkbetrokkenen organiseren culturele activiteiten veelal op vrijwillige basis, maar moeten concurreren met theaters en concertzalen, waar een professionele organisatorische structuur
is met betaalde medewerkers. Dat is niet eenvoudig. Maar de motivatie is er wel!
Het is belangrijk om het klinkend erfgoed hier direct in mee te nemen. In elke kerk is er een orkest in de orgelkast aanwezig. Daar kan ontzettend veel mee gedaan worden, naast de
reguliere orgelconcerten en het orgelspel in kerkdiensten, dat absoluut moet blijven bestaan.
Ik ben een voorstander van ‘orgelplus’. Het orgel in samenspel met andere instrumenten of met andere disciplines. Ook is het belangrijk om het instrument via verschillende wegen onder
de aandacht te brengen van jongere generaties.
Ik weet zeker dat er veel enthousiasme voor het orgel kan ontstaan bij de jeugd
Zoals het orgel vroeger deel uitmaakte van het dagelijks leven via de diensten, kan het in de toekomst op nieuwe creatieve manieren deel gaan uitmaken van het dagelijkse bestaan,
door op te duiken bij goedbezochte maatschappelijke activiteiten. Daarnaast zijn educatieve jeugdprojecten belangrijk en vooral ook fantasievolle projecten, die de nieuwsgierigheid van
kinderen en jongeren voor het instrument aanwakkeren.
Ik weet zeker dat er veel enthousiasme voor het orgel kan ontstaan bij de jeugd. Dat is op dit moment heel belangrijk, want anders zijn er op enig moment geen organisten meer…
Maar alles hangt met elkaar samen, want nieuwe organisten moeten er ook een boterham mee kunnen verdienen. Het beroep zal dus ook financieel aantrekkelijker moeten worden gemaakt.
Daarvoor is de professionalisering van de kerk als podium een belangrijke factor vermoed ik.
Ik hoop en denk dat Organum Frisicum een goede rol kan spelen als verbindende partij, met kennis van de traditie, maar ook met een open blik richting de toekomst."
Hoe is het om als vrouw bestuurslid te worden in wat je toch wel een overwegend mannenwereldje kunt noemen?
"Er zijn meer vrouwelijke bestuursleden binnen Organum Frisicum. Voor mij is het allemaal niet zo belangrijk. Het gaat vooral om mensen. Maar ik werk graag samen met mannen.
Lekker relativerend, concreet en met een gezonde portie humor hier en daar. En als ik mag kiezen, heb ik liefst ook enkele vrouwen in het gezelschap, voor de beste ‘to-do-lijstjes’,
overzichten en snelle heldere communicatie. Om maar eens flink te generaliseren… Voor zover ik al ben ingewerkt, durf ik wel te zeggen: Het is allemaal prima geregeld binnen dit bestuur!"